Nabonidus
Koning van Babylon van 555(?)-538(?) v.C. Laatste koning van de dynastie der Chaldeeën. Geen familie van Nebukadnezar, mogelijk nam hij met geweld de macht over. Hij liet zich erg veel leiden door arceologisch/oudheidkundige en religieuze speculaties en bouwde tempels terwijl het rijk onverdedigd was. Hij was impopulair bij zowel de priesters alsook het volk. Toen de Perzische bedrieging van Cyrus de Grote sterker en sterker werd, ging hij een alliantie aan met Croesus van Lydië en en Amasis II van Egypte, maar zonder goede afloop. In 538(?)v.C. kreeg Cyrus het rijk zonder slag of stoot in handen. Van Nabonidus is veel bewaard gebleven; van spijkerschrift tabletten weten we dat zijn zoon Belshazzar was en dat deze gedurende de laatste jaren mederegent was van het rijk, naast zijn vader, alhoewel andere verhalen ons anders willen doen geloven (zie Belshazzar).
Nabopolassar (Naboe-apal-oesoer; god nebo, bescherm de erfzoon)
Koning van Babylon van 625-605 v.C. Maakte zich onafhankelijk van Assyrië en bestreed het samen met Kyaxares van Medië, tot het in 612 v.C. ineenstortte. Bemachtigde toen Elam, Palestinië en Fenicië. Stichtte hiermee het nieuw-Babylonische rijk.
Nairi
Uitgestorven volk ten noorden van het oude Mesopotamië, waarvan we overleveringen zien die teruggaan tot ca. 2000 v.C. Woonden op het Armeens plateau. Zowel het gebied alsook de bevolking werd Nairi genoemd, wat betekent "land van rivieren". Assyrische koningen verhaalden over ca. 60 stammen en 100 steden in het Nairi rijk. De Nairi waren eigenlijk een verbond van stammen, waarbij de Nairi stam de scepter zwaaide. De alliantie had haar basis om en nabij het Wan-meer, wat tezamen met de Ararat-vallei het gebied maakte tot het vruchtbaarste van de hele streek. Naast de vruchtbare bodem kende het gebied ook een grote rijkdom aan mineralen en andere bodemschatten. De Nairi waren slechts één stam tussen vele andere stammen, doch alle stammen tonen overeenkomsten met de gebruiken van andere stammen elders in Mesopotamië, één van de bekendere andere volken in de buurt van het Nairi-gebied waren de Urartu. Ondanks het feit dat ze allen tezamen wellicht sterker waren dan de Assyriërs en de Hittieten bij elkaar, kon toch de Assyrische koning Tukulti-Ninurta I de Nairi aanvallen en we kennen verslagen van hem waarin hij verhaalt over het krijgsgevangen nemen van 43 Nairi-koningen die hij mee terug nam naar zijn hoofdstad. De Nairi bleven echter voortdurend weerstand bieden tegen de Assyrische overheersing en in een tweede campagne veroverde de Assyrische koning het hele westelijke deel van het Armeens plateau. We hebben geen geschriften terug kunnen vinden over een campagne dicht bij het Wan-meer, wat impliceert dat de Assyriërs dat gedeelte hebben vermeden aangezien daar de sterkste stammen huisden. Vanaf de 11e eeuw v.C. worden de Nairi overheerst door de Urartu, teneinde meer hegemonie in de regio te bewerkstelligen, Assyrische spijkerschriftteksten duiden nu voor het eerst op een sterke Urartu-mogendheid. Naast de Urartu kennen we in het gebied eveneens de Mittani, de Manah (nabij het Urmia-meer), en de Diaukhi (om en nabij het huidige Erzurum). De laatsten waren omstreeks het einde van het tweede millennium v.C. de sterkste alliantie van Nairi-volken. Alhoewel de Assyriërs nooit alle Nairi-volken hebben kunnen onderwerpen zijn ze gedurende eeuwen geheel weggeïntegreerd in de Urartu, vanaf de achtste eeuw v.C. vernemen we niets meer van ze.
Nanna / Sin
Oude Sumerische mannelijke god van de maan, zoon van Enlil en Ninlil, heer van de kalender en de wijsheid. De centra van zijn aanbidding waren Ur en Harran.
Naram-Sin / Naram-Suen
Groot heerser van Akkad, in het oude Mesopotamië aan het einde van het derde millenium v.C. Zoon en opvolger van Manishtusu en kleinzoon van Sargon de Grote. Bracht het Akkadische rijk tot ongekende bloei en breidde het uit tot ver in alle hoeken van "de wereld" (zoals men toen dacht). Noemde zich koning van de vier windstreken. Versloeg het sterke Ebla (Syrië) en onderwierp Anatolië. Sloot verdragen tussen rivaliserende stad-staten en bracht veel rust in de regio, die naderhand werd verstoord door invallen van de Gutaëers (Barbaren uit het Zagros-gebergte). Is de geschiedenis ingegaan als één van de grootste heersers en leiders van de oudheid.