Cybele / Kybele
Moedergodin uit het zeer oude Frygië, betekenis: grotbewoner. De naam Cybele zou afgeleid kunnen zijn van het Babylonische "Subultu", ze was aanvankelijk godin van grotten/holen en de aarde in haar pure vorm en werd aanbeden op toppen van bergen. Ze heerste over wilde dieren en was eveneens een bijengodin. Ze is de oudste godin die we kennen en gaat zéker 5000 jaar verder terug dan de ons bekende Sumerische en Egyptische vrouwelijke godheden. Ze werd aanbeden met wilde, bloedige en orgastische ceremonies, haar lente-festival was ter viering van de dood van haar geliefde Attis, de vegetatie(planten)god. Bij de Sumeriërs kennen we haar als Siburi/Siburu en later, toen Hammurabi Akkad veroverde, komt ze in de geschiedenis terecht als Sibelu (Si-bel-u). Gedurende de laat-Hittitische periode kennen we de moedergodin als Kubaba, de leidende godin van de stad Karchemisj, afgebeeld met een stel leeuwen en een spiegel in haar hand. Tegen de tijd dat Assyrië een grootmacht werd, had de cultus van Sibulu zich door heel Klein-Azië verspreid, zelfs tot voorbij de zwarte zee en in Europa. In Thracië werden de Sibelu-grotten verbasterd tot grotten van Sibylles, met als centraal punt Frygië. Hun functie destijds bestond grotendeels uit het feit dat ze een schakel waren tussen de wereld der levenden en het dodenrijk; ze gaven moed aan stervenden en konden hun ziel na het overlijden van dienst zijn op de weg naar het dodenrijk. Dit gebeurde bijvoorbeeld met Gilgamesj en Jason en de Argonauten die door een Sibylle/Siburu gevoerd werden naar het schemerrijk van levenden en doden. Ook Odysseus en Anaeus zijn door sibyllen naar het rijk der doden (en terug) geholpen. Cybele was één van de meest populaire Romeinse godheden en stond tevens bekend als Cybebe (mogelijk afgeleid van Kubaba) én Agdistis. In 204 v.C. kwam haar heiligdom vanuit Frygië naar Rome, geheel volgens een profetie in één van de Sibyllijnse boeken. Haar feest was het eerste feest van de Romeinse kalender. Haar mannelijke priesters lieten zich bij hun aanbiddingen in met rituele aderlatingen.
Cyrus II (De Grote)
Oudperzisch: Koeroesj/Khurvausj, bijbel: Kores. Stichter/koning (576 - 529 v.C.) van het
Perzische wereldrijk, oorspronkelijk vazal van het Medische rijk. Onderwierp Medië, Lydië, Palestina, Egypte, Bactrië, klein-Azië en Babylonië. Was een tolerant heerser, liet de Joodse ballingen naar Palestina terugkeren. Heeft een beroemd grafmonument bij Murghalo.